Varicella zoster virus - postexpositie profylaxe

Adviezen

≥ 18 jaar
Prioriteit Medicatie Opmerking

Opmerkingen

Postexpositie profylaxe met varicella zoster-immuunglobulines (VZIG)

Geïndiceerd bij bewezen seronegativiteit en significante blootstelling aan een VZV-bron:

 - neonaten, van wie de moeder van wie de moeder waterpokken ontwikkelt in de periode van 5 dagen voor de bevalling tot 48 uur na de bevalling
 - zwangeren
 - patiënten met een kwantitatieve en/of kwalitatieve T-cel deficiëntie
 - prematuren (< 35 weken), van VZV negatieve moeders, die opgenomen zijn voor prematuriteitgerelateerde problematiek, wanneer bij deze prematuren sprake is van contact met een persoon met waterpokken
 

Varicella zoster-immunoglobuline (VZIG), toedienen binnen 96 uur na varicella-contact

- lichaamsgewicht meer dan 30 kg: 3 doses (6 ml, ten minste 100 IE/ml) i.m.

- lichaamsgewicht van 10-30 kg: 2 doses (4 ml, ten minste 100 IE/ml) i.m.

- lichaamsgewicht van 2-10 kg: 1 dosis (2 ml, ten minste 100 IE/ml) i.m.

- neonaten lichaamsgewicht tot 2 kg: ½ dosis (1 ml, ten minste 100 IE/ml) i.m.

 

Het is zinvol om immuungecompromitteerde personen antivirale middelen als postexpositie profylaxe te geven als VZIG niet tijdig kan worden toegediend. Dit kan de klinische verschijnselen van een VZV-infectie reduceren.

- Valacyclovir po 1000mg 3dd, van dag 7 t/m 14 na varicella-contact

 

Post-expositie-varicellazostervaccinatie

Geïndiceerd bij (gezonde) seronegatieve volwassenen met bewezen seronegativiteit en significante blootstelling aan een VZV-bron, tenzij hiervoor contra-indicaties bestaan. 

 

Varicella zoster-vaccin (primaire infectie), toedienen binnen 5 dgn na varicella-contact

- volwassenen: twee doses (0,5 ml) met een minimuminterval van 1 maand

 

 

Bronnen

Categorie
Metadata

Swab vid: G-291341.1
Bijgewerkt: 05/23/2016 - 17:39
Status: Published